Skip to main content
    Homepage
    HoT_STP26_©BF_01

    House of Thol

    Jana Flohr & Thomas Linssen

    House of Thol buigt zich over een urgente, alledaagse problemen die grote ecologische impact hebben. Dat doen dit designduo met praktische en duurzame producten die je leven groener en gezonder maken. 

    Bijna een vijfde van al het voedsel dat wereldwijd wordt geproduceerd, eindigt als afval. Dat is 132 kilo voedsel per persoon per jaar. Meer dan de helft van die verspilling vindt thuis plaats door bederf, met als belangrijkste oorzaken te veel inkopen en op een verkeerde manier bewaren. Dit kost niet alleen jaarlijks 150 euro per persoon in Nederland (in de VS zelfs 200 euro), het heeft ook gevolgen voor de aarde. Er elke dag ongeveer 80 liter water per wereldburger gebruikt voor het verbouwen van verspild voedsel. Bovendien is voedselverspilling is verantwoordelijk voor ongeveer 8 tot 10 procent van alle wereldwijde broeikasgasemissies – dat is vijf keer meer dan de emissies van de wereldwijde luchtvaart. Een afname van de voedselverspilling heeft daarom gevolgen mens en milieu. 

    House Of Thol is de designstudio Jana Flohr en Thomas Linssen. Maar het is ook een merk met gebruiksvriendelijk producten, die het makkelijker en leuker maken om duurzaam te leven. Door mensen in staat stellen om zelf voedsel te verbouwen en een gezonder voedselpatroon te realiseren wil House of Thol de voedselverspilling verminderen.  

    HoT_STP26_©BF_02
    Copy: Jeroen Junte

    Translation: Jane Szita

    Photography: Blickfänger

    Hoe hebben jullie elkaar ontmoet? 

    Jana: “Wij zijn echt een designer love story, haha. We liepen allebei stage bij een presentatie van een Nederlands designlabel op de Milan Design Week in 2005, het belangrijkste internationale design evenement van het jaar. Ik was bijna afgestudeerd in product design aan de HKU, Thomas aan de Design Academy Eindhoven. Ik was meteen aangetrokken door zijn praktisch manier van denken. Thomas ziet meteen hoe iets in elkaar zit en hoe dat beter kan. Hij is echt een maker.”  

    Thomas: “Wat ik meteen bewonderde aan Jana is haar kritische en onderzoekende blik. Waar ik me vooral richt op het hoe, focust Jana zich op het waarom. Samen bepalen we vervolgens wat we willen ontwerpen.” 

    Jana: “Toch zijn we pas gaan samenwerken toen onze eerste zoon Xam was geboren. We merkten dat we onze tijd slimmer moesten gebruiken. Dat kreeg een enorme stimulans toen we verhuisden naar een vrijstaand huis in Overasselt, een dorpje aan de Maas bij Nijmegen. Daarvoor werkten we ieder aan onze eigen projecten. Op het erf van 3,5 hectare kunnen onze twee kinderen spelen en verbouwen we groenten. Zelfvoorzienend leven lukt niet helemaal. Vandaar dus dat we dingen ontwerpen die dat een beetje makkelijker maken. 

    We kijken uit over de weilanden en een bosrand. Onze studio is een omgebouwde paardenstal achter het woonhuis. Wonen, werk en zelfvoorzienend leven lopen bij ons kriskras door elkaar. Soms werken we ook gewoon aan de keukentafel. Of de kinderen experimenteren met 3D-printers en andere gereedschappen, terwijl wij aan het werk zijn. Dat we kinderen hebben, heeft ons werk enorm beïnvloed. Wij zijn er nu nog meer mee bezig dat onze producten en verhalen voor iedereen begrijpelijk moeten zijn.” 

    • HoT_STP26_©BF_03
    Wij ontwikkelen alle producten vanuit een heldere filosofie: gedragsverandering.

    Om te begrijpen waar jullie vandaan komen, kunnen jullie vertellen hoe jullie zijn opgegroeid? 

    Jana: “Ik kom uit een progressief gezin, waarin duurzaamheid en gelijkwaardigheid vanzelfsprekend waren. Mijn vader is geboren in Indonesië en heeft met zijn familie een nieuw bestaan moeten opbouwen. Bewustzijn van wat je hebt speelde ook daardoor een grote rol. Er werd elke avond het nieuws gekeken op televisie en op de keukentafel lag de krant opengeslagen. Maatschappelijke betrokkenheid is voor mij iets vanzelfsprekends. Ik heb aan het begin van mijn loopbaan ook nog sieraden ontworpen, maar dat vond ik erg onbevredigend. Ik wil een verschil maken.” 

    Thomas: “Ik kom uit een ondernemersgezin. Aanpakken en je eigen boontjes doppen was heel belangrijk. Dat heeft mij gesterkt om niet voor een bedrijf te werken maar om zelf een studio te beginnen. Toch voel ik mijn meer een teamplayer dan iemand die onafhankelijk wil zijn.” 

    Wanneer en waarom heb je ervoor gekozen om designer te worden? 

    Jana: “Ik was aanvankelijk begonnen aan een universitaire studie antropologie, als voorbereiding op het worden van oorlogsjournalist. Maar ik was bewust van de koloniale oorsprong van die studie, waarbij andere culturen vanuit een Westerse blik worden bestudeerd. Daarbij wilde ik geen rol als observant maar als participant. Dus heb ik mij aangemeld voor een designopleiding, om met producten het leven van mensen te verbeteren. Al bekijk ik de wereld soms met de blik van een antropoloog, die andere culturen bestudeert om ervan te leren.” 

    Thomas: “Mijn vader was ondernemer en mijn moeder kunstenaar. Die twee werelden komen in mij samen. Ik vind het leuk om iets te creëren, het liefst met mijn handen. Wat is een slimme constructie? Welke materialen kies ik? Tegelijkertijd wil ik ook dat mijn ontwerpen daadwerkelijk worden gebruikt. Dat ze betaalbaar zijn bijvoorbeeld, en dat mensen ze willen kopen. Onze producten zijn is pas af als ze worden gebruikt. 

    HoT_STP26_©BF_04
    HoT_STP26_©BF_05

    Wat is de kern van jullie designvisie?

    Jana: “Producten voor alledaags gebruik die mensen verleiden om groener te leven. Daarom moeten onze producten er mooi uitzien en handig zijn in gebruik zijn. Ze moeten het leven overzichtelijker maken en niet nog een taakje erbij opleveren. Met als doel dat mensen zich weer verbonden voelen met voedsel en zelf kunnen zien hoe de natuur werkt.”

    Thomas: “Onze producten werken bovendien op een logische of mechanische manier. De gebruiker moet kunnen zien hoe het werkt, of nog beter: het kunnen aanpassen aan zijn of haar persoonlijke voorkeur. Wij ontwerpen niets waar een stekker aan zit. Zo’n onzichtbaar elektrisch proces werkt als een blokkade voor het eigenaarschap van een product. Oftewel: If you can’t open it, you don’t own it. Onze producten moet je niet alleen kunnen begrijpen, je moet ze ook kunnen repareren. Dus is niets verlijmd en alle onderdelen kun je los bijbestellen. Ook gebruiken we uitsluitend materialen die mooier worden als ze verouderen, zoals terracotta, messing en hout.”
    Dat is een ambitieuze missie – mensen verbinden met natuur door een heel concreet product. Wat gaf jullie het vertrouwen om hiermee aan de slag te gaan?

    Thomas: “Een goed voorbeeld daarvan is Flower Constellations, een serie stevige, ronde schijven met ronde gaten van messing en roestvrij staal die je op de hals van een vaas zet. In de gaten kun je bloemen zetten die daardoor altijd mooi rechtop en op de juiste afstand van elkaar staan. De bloemen blijven ook langer goed. Zo verspil je minder bloemen, bespaar je geld en verklein je je impact op het milieu — terwijl je huis er juist stijlvoller uitziet. Heel simpel én toch effectief.”
    Vervolgens kwamen jullie op het spoor van voedselverspilling in de huiselijke omgeving. Waar kwam deze specifieke fascinatie vandaan?

    Thomas: “Dat we in onze eigen keuken een schaal met rottend fruit zagen liggen. Heel dichtbij dus, een probleem waar zelf ook tegenaan lopen. Ik dacht meteen: hoe kan ik daarvoor een oplossing ontwerpen? En Jana dook in de voedselverspilling en doet onderzoek naar het bewaren van voedsel. Vervolgens nemen we elkaar mee op sleeptouw.”

    Jana: “Er zit ook wel iets van frustratie in ons onderzoek. Waarom weten we zo weinig van iets wat zo belangrijk is? En hoe kunnen we de band met voedsel die we steeds meer zijn kwijtgeraakt weer versterken? Die persoonlijke vragen vormen een krachtige drijfveer.”

    • HoT_STP26_©BF_06
    Met als doel dat mensen zich weer verbonden voelen met voedsel en zelf kunnen zien hoe de natuur werkt.

    Uiteindelijk hebben jullie als antwoord op deze vragen de Patera Magna ontwikkeld, klopt dat?

    Thomas: “Ja!” (Jana knikt instemmend.) “Deze fruit- en groenteschaal heeft aparte vakken voor narijpende en niet-narijpende vruchten en gewassen. Die eerste groep stoot het rijpingsgas etheen uit dat alles mee laat rijpen; of als iets niet kan rijpen, versneld laat bederven. De producten blijven langer vers door een natuurlijk koelsysteem van water dat verdampt door de poreuze buitenwanden. Om te kunnen verdampen onttrekt water energie uit de omgeving, wat zorgt voor de natuurlijke koeling.”

    Jana: “Maar deze schaal vertelt ook een verhaal over het bewaren van voedsel. De kennis die we daarover hebben verzameld delen we op de website, in boeken en zelfs met een kwartetspel. Zo willen we mensen in staat stellen om die kennis met elkaar te delen. Onze ontwerpen verbinden dus ook mensen onderling. De schaal fungeert ook als een sokkel waarop het verse voedsel ligt uitgestald. Hopelijk pakken mensen daardoor sneller even een stuk fruit, wat niet alleen lekker maar ook gezond is.”

    Kunnen jullie ons meenemen in de totstandkoming van de Patera Magna – van eerste onderzoek tot het eindproduct?

    Thomas: “Het startpunt voor elk nieuw design is onze eigen verwondering en nieuwsgierigheid. In dit geval: waarom wordt er zoveel voedsel verspild? En dan niet alleen op mondiale schaal, maar ook in ons eigen huishouden, op onze eigen fruitschaal. Waarom is de ene vrucht al verrot, terwijl de andere nog niet eens rijp is? Daarachter ligt meteen al de vraag: wat kunnen wij daaraan doen? Wij willen betekenisvolle producten ontwerpen. Sommige producten zijn gewoon nodig, zoals een fruitschaal en een koelkast. Dan kun je die maar beter zo duurzaam mogelijk maken.”

    Jana: “Vanuit die persoonlijke interesse én betrokkenheid volgt een diepgravend onderzoek door mij. Dan stel ik alleen maar vragen. Welke plantfamilies zijn er, en wat heeft dat te maken met dat rottingsproces? En wat hebben temperatuur en luchtvochtigheid daarmee te maken? Of daglicht? Maar ook: waar komen die vruchten oorspronkelijk vandaan? Welke voedingsstoffen bevatten ze? Van die resultaten maak ik grote datasheets. Dat ga ik staven en onderbouwen met wetenschappelijke onderzoeken die open source beschikbaar zijn.”

    HoT_STP26_©BF_07
    HoT_STP26_©BF_08

    Kun je een voorbeeld geven om wat voor data het gaat?

    Jana: “Ik ontdekte bijvoorbeeld dat bananen en tomaten het rijpingsgas etheen aanmaken. Als andere vruchten daaraan worden blootgesteld, gaan deze sneller rijpen en uiteindelijk bederven. Dat roept dan weer nieuwe vragen op. Hoe kun je de aanmaak van die gassen beïnvloeden? Of hoe kun je fruit ertegen beschermen? Ik heb uiteindelijk zo’n tweehonderd groente- en fruitsoorten geïnventariseerd op eigenschappen als houdbaarheid, voedingswaarde en ook groeiseizoen en herkomst. Omdat al die vruchten en gewassen worden aangeduid met hun botanische namen in het Latijn, hebben we onze fruitschaal een Latijnse naam gegeven. Patera Magna betekent overigens gewoon ‘grote schaal’. Sindsdien gebruiken we alleen nog maar Latijnse namen voor onze producten.”
    Hoe herkennen jullie het moment waarop er voldoende gegevens zijn verzameld om aan het daadwerkelijke designproces te beginnen?

    Thomas: “De vertaalslag naar een concreet product start op het moment dat Jana mij bij haar onderzoek betrekt. In het geval van de verspilling van groente en fruit kwamen we samen uit op een betere manier om dat te bewaren.”

    Jana: “Maar ook in de onderzoeksfase denk ik al na over een concreet product door te verkennen welke kennis en technieken al beschikbaar zijn. Daarom vind ik het Openluchtmuseum in Arnhem een heel inspirerende plek. Daar zie je allemaal oude, soms zelfs vergeten technieken die nog steeds slim en vooral ook toepasbaar zijn. Hoe een hele boerderij met één haardvuur wordt verwarmd door de hitte slim te verdelen. . Ook bestudeer ik andere culturen, een overblijfsel van mijn studie antropologie. Zo wordt in delen van Noord-Afrika al eeuwenlang voedsel bewaard in een pot die weer in een grotere pot van poreus aardewerk zit. Tussen de potten zit vochtig zand. Die potten staan gewoon buiten. Door de hitte verdampt het water in de aarde, wat weer warmte en dus energie onttrekt aan de omgeving. Daardoor koelt de binnenste pot af. Vervolgens gaan wij kijken wat wij van zo’n techniek kunnen toepassen. ”

    Thomas: “De laatste stap is het maken van prototypes. Het echt vormgeven aan een techniek of functionaliteit. Uiteindelijk resulteert dat in een schaalbaar prototype, dat we aan gebruikers voorleggen. Dat doen we door presentaties op beurzen en designweeks. De feedback en het contact dat we daar hebben is heel waardevol. Want we maken onze producten voor gebruikers. Dat verschil eigenlijk niet zo veel van hoe grote merken en fabrikanten werken.”
    Wat voor feedback krijg je van die potentiële gebruikers en hoe vertaal je dat naar aanpassingen aan een product?

    Jana: “Het product werkt, dat weten we. Maar omdat onze producten gaan over beleving en bewustwording, stopt onze rol als designer niet bij de ontwikkeling van het product. Het is heel leerzaam om te zien waarop mensen wel of niet aanslaan. Dat hangt dan weer af van de presentatie. De verpakking, de gebruiksaanwijzing en zelfs de marketing zijn net zo belangrijk als het materiaal of de vorm om het verhaal over het bewaren van voedsel. Maar tijdens een designopleiding is daar weinig aandacht voor, dat hebben we onszelf moeten aanleren. ”

    • HoT_STP26_©BF_09
    Producten voor alledaags gebruik die mensen verleiden om groener te leven.

    Je geeft aan dat je niet alles leert op de designopleiding zoals marketing, hoe hebben jullie daar een weg in gevonden?

    Thomas: “Door te proberen en niet bang zijn om fouten te maken. Nooit denken dat je het allemaal al weet. Dat je een verpakking voor een product ontwikkelt die dan uiteindelijk veel te duur blijkt om te maken. Dat was een harde maar nuttige les. Learning by doing dus.”

    Jana: “Zo hebben we uiteindelijk ook stap voor stap een holistische designfilosofie ontwikkeld. Door te blijven doordenken op de vraag hoe je voedsel zo lang mogelijk vers kunt houden. Bijvoorbeeld door voedsel zelf te kweken. Maar niet iedereen heeft een tuin of terras.

    Dus hebben we de Patella Crescenda ontwikkeld, wat letterlijk groeischaaltje betekent. In dit aardewerk kweekbakje groeien voor microgroenten als tuinkers en rucola. Die bevatten wel dertig tot veertig keer meer vitaminen. Je eet ze vers en kookt ze niet, waardoor niets van deze voedingstoffen verloren gaat. Bovendien kun je ze het hele jaar moeiteloos opkweken tot een eetbaar gewas in amper tien dagen. En niet onbelangrijk, ze zijn heerlijk.”

    Thomas: “Deze kweekschaal is kleiner en bleek een heel goede testcase voor een aardewerkfabriek in Portugal, waar we de fruitschaal wilden laten maken. Als we ook nog de productie zelf zouden doen, zou dat afleiden van de kern van House of Thol, namelijk productonwikkeling.”

    HoT_STP26_©BF_10

    Jullie kiezen ervoor om het ook het productieproces in eigen hand te houden, waarom?

    Thomas: “Wij ontwikkelen alle producten vanuit een heldere filosofie: gedragsverandering. Daar is niet altijd ruimte voor bij bedrijven, die ook nog eens allerlei verschillende uitgangspunten kunnen hebben, waardoor we ons voortdurend zouden moeten aanpassen. Dus houden we het hele traject van eerste onderzoek tot de webshop in eigen beheer. Maar ons doel is niet om zoveel mogelijk producten te ontwerpen, wij willen slimme oplossingen voor praktische en veelvoorkomende problemen aandragen. Dat kan ook door onderzoek te doen voor bijvoorbeeld bedrijven, overheden of onderwijsinstellingen. Dit betekent een switch van ‘product-first’ designstudio naar onderzoek, advies en service, zodat we de kennis die we hebben op meerdere manieren kunnen uitdragen.”
    Wat wordt de volgende stap in jullie ontwikkeling?

    Thomas: “Minder focus op het product en meer op het onderzoek. We krijgen steeds vaker de vraag of we de kennis die we hebben opgedaan kunnen delen. Dus hebben we het kwartetspel Cibus Domus gemaakt van 36 groente- en fruitsoorten uit de supermarkt. Wanneer wordt een gewas geoogst? Wat zijn de voedingswaarden van die vrucht? Hoelang blijven ze vers? En natuurlijk: hoe kun je ze het beste bewaren? De tekeningen zijn gebaseerd op 19e-eeuwse tekeningen van planten en vruchten. Dat concept zijn we nu aan het doorontwikkelen tot een boek.”

    Jana: “Die onderzoeken mogen nog breder en dieper worden dan alleen voedsel. Wat kunnen mensen zelf doen om de hoeveelheid PFAS te verminderen die mensen met voedsel binnenkrijgen? Wat zijn duurzamere manieren om je was te doen en je huis schoon te maken? Het zijn kleine stappen naar een grote verandering.”
    Heb je een boodschap aan de volgende generatie designers?

    Jana: “Vind je kern als designer en blijf die verdiepen. Laat je niet afleiden. Als je werkt vanuit een diepe persoonlijke overtuiging blijf je altijd gemotiveerd.”

    Thomas: “En blijf ook je persoonlijkheid ontwikkelen. Niet alleen met vaardigheden en kennis maar ook als mens. Wie ben ik? Waar geloof ik in? Wat zijn mijn waarden? Als je dat weet, kun je het nooit fout doen.”

    Instagram

    Linkedin

    Website

    Meer interviews